Nieuwe woonvormen, kleinere woongelegenheden, … de verdichting in de centra neemt toe. Door het veralgemeende autogebruik, stijgt ook de druk op het openbaar domein. Daarom is het aangewezen om bij woongebouwen te voorzien in de eigen behoefte aan parkeergelegenheid op privé-domein.
Dit principe werd uitgewerkt in een gemeentelijke stedenbouwkundige verordening betreffende parkeerplaatsen bij woongebouwen. Op die manier wil het gemeentebestuur de parkeerdruk op het openbaar domein verminderen en de verblijfskwaliteit verhogen ten voordele van alle inwoners.
Bij deze verordening hoort ook een belastingsreglement op het ontbreken van parkeerplaatsen.
De verordening is van toepassing bij nieuwe woongebouwen, bij de uitbreiding of verbouwing van een woongebouw waarbij er bijkomende woonentiteiten worden gecreëerd, bij het opdelen van een bestaande woning in meerdere woongelegenheden, bij bestemmingswijzigingen naar wonen waarbij er bijkomende woonentiteiten worden gecreëerd. Ook groepswoningbouwprojecten en verkavelingsaanvragen zullen aan deze verordening getoetst worden.
Individueel opgerichte eengezinswoningen vallen niet onder de verordening. Stedenbouwkundige voorschriften bij bijzondere plannen van aanleg, ruimtelijke uitvoeringsplannen of verkavelingsvergunningen kunnen echter ook bepalingen bevatten in verband met parkeren.
Het verplicht aantal aan te leggen parkeerplaatsen werd met deze gemeentelijke verordening vastgesteld op 1,5 parkeerplaats per woongelegenheid, afgerond naar boven. Bijvoorbeeld bij een appartementsgebouw met 3 woongelegenheden dienen er 5 parkeerplaatsen voorzien te worden.
Bij bouwprojecten met meer dan 4 woongelegenheden dient het parkeren ondergronds voorzien te worden.
Voor de tekst van de verordening, klik hier.
Voor meer informatie kan u ook terecht bij de dienst Bouwen en Wonen op het gemeentehuis.